De papieren zijn getekend, de sleutels zijn van jou en de auto staat voor de deur. Bij daglicht en van dichtbij zie je dan vaak pas goed hoe een gebruikte auto erbij staat. Fijne krasjes rond de deurgrepen, doffe plekken op de motorkap, een vlek op de achterbank en een geur die je bij de proefrit niet opviel.
Het goede nieuws is dat veel van die gebruikssporen oppervlakkig zijn. Met een gestructureerde aanpak krijg je lak en interieur een flink stuk dichter bij de staat van een nieuwe auto. Sommige stappen doe je prima zelf, voor andere is een professional sneller en veiliger.
Begin met een eerlijke inspectie
Was de auto eerst grondig met de hand en bekijk hem daarna onder fel licht, bijvoorbeeld met de zaklamp van je telefoon. Je ziet dan drie soorten schade. Wasstraatkrassen zijn fijne cirkelvormige lijntjes die vooral in de zon opvallen. Diepere krassen voel je met je nagel. Steenslag en kleine deukjes zitten vooral op de voorbumper en motorkap.
Maak per paneel een notitie. Zo weet je wat met polijsten te verhelpen is en wat een spuiter of uitdeukspecialist nodig heeft. Een kras die door de blanke lak heen tot op de grondlaag gaat, krijg je met polijsten niet weg.
De lak weer op glans
Na het wassen haal je met een kleiblok vastgekoekt vuil van de lak. Strijk met je vingers over de motorkap: voelt die ruw aan, dan zitten er nog deeltjes op. Pas als de lak glad is, heeft polijsten zin.
Polijsten verwijdert een heel dun laagje blanke lak, waardoor krassen en dofheid verdwijnen. Met een excentrische polijstmachine en een fijne pasta kun je als beginner lichte gebruikssporen zelf aanpakken. Werk in vakken van ongeveer 50 bij 50 centimeter en blijf weg van randen en ribbels, daar is de lak het dunst. Bij een auto met veel krassen of een onbekende lakgeschiedenis is het verstandig de lakdikte eerst te laten meten. Een bedrijf als Absolute Car Cleaning doet dat standaard voordat het de lak in meerdere stappen polijst. Na het polijsten bescherm je de lak met was, sealant of coating, anders is de glans snel weer weg.
Het interieur grondig schoon
Begin binnen met leeghalen en stofzuigen, ook onder de stoelen en tussen de zittingen. Daar ligt vaak meer dan je verwacht. Gebruik een zachte borstel voor ventilatieroosters en naden van het dashboard.
Stoffen bekleding reinig je het best met een sproei-extractiemachine. Die spuit reinigingsmiddel in de stof en zuigt het vuil direct weer op. Zo’n apparaat kun je bij veel winkels huren. Laat de auto daarna met de ramen op een kier drogen, anders krijg je een muffe lucht. Leer maak je schoon met een speciale lederreiniger en een zachte borstel, en daarna voed je het met een ledercrème zodat het niet uitdroogt en scheurt.
Kunststof delen veeg je af met een interieurreiniger en een microvezeldoek. Kies een matte afwerking, glimmende producten geven reflecties in de voorruit.
Hardnekkige geuren en vlekken
Rook, hondengeur of een zure lucht van gemorste melk zit vaak diep in hemel, stoelen en vloerbedekking. Luchtverfrissers maskeren dat alleen. Vervang in elk geval het interieurfilter, dat kost weinig en maakt verschil. Blijft de geur hangen, dan helpt een ozonbehandeling of een volledige dieptereiniging van alle stoffen delen.
Voor dit soort klussen kun je een complete reinigingsbeurt laten doen, waarbij lak, velgen en interieur in één keer worden aangepakt. Op absolutecarcleaning.nl staat beschreven welke onderdelen zo’n behandeling omvat. Na zo’n beurt is het bijhouden een kwestie van elke twee weken stofzuigen en de auto met de hand wassen.

